|
geslacht: |
Behangersbijen
|
![]() behangersbij © foto: Huib Koel ![]() © foto: Frans Rutten |
| Omschrijving: Behangersbijen bekleden hun nestgangen met bladstukjes, zodat een kokertje
ontstaat waarin ze een mengsel van stuifmeel en nectar en een ei deponeren. Die kokertjes kunnen op diverse plaatsen gemaakt worden: in de grond of
bovengronds in holle stengels of in kevergaten. Het kokertje op de foto werd onder een deksel van een bijenkast gevonden. De bladstukjes 'knippen' de bijen met hun kaken, die ze vervolgens behendig weten te vervoeren naar hun nest, door het onder hun lichaam te vouwen (zie foto Gewone behangersbij). Voor de lengte gebruiken ze langwerpige stukjes, als tussenwandje tussen de verschillende cellen wordt een rond stukje blad gebruikt. De Lathyrusbij gebruikt geen bladstukjes maar klei of zandkorrels en hars als behang. Behangersbijen vervoeren het stuifmeel niet aan de achterpoten maar aan stijf afstaande borstelharen aan de onderkant van het achterlichaam, de zogenaamde buikschuier. Behangersbijen houden bij bloembezoek hun achterlichaam kenmerkend omhoog gericht. Ze kunnen het achterlichaam helemaal omkrullen tot boven hun kop en zo toch nog steken. | |||





